Stap 1: we berekenen je volledige inkomen

De berekening van het gezinsinkomen gebeurt aan de hand van het laatste aanslagbiljet: het inkomen van 2015, aanslagjaar 2016.

 

Waaruit bestaat het inkomen voor de toelage?

  • Gezamenlijk belastbaar inkomen van de leefeenheid
  • 80% van de ontvangen alimentatiegelden (als die niet vervat zitten in het gezamenlijk belastbaar inkomen), aan te tonen aan de hand van rekeninguittreksels
  • Afzonderlijk belastbare inkomsten: vervroegd vakantiegeld, achterstallen enzovoort
  • Leefloon: attest OCMW
  • Inkomensvervangende tegemoetkomingen aan gehandicapten: attest FOD Sociale Zekerheid - DG Personen met een handicap
  • Tweemaal het geïndexeerd kadastraal inkomen vreemd gebruik, dat wil zeggen: het KI van al de onroerende goederen behalve het eigen huis en de onroerende goederen voor eigen beroepsdoeleinden (terug te vinden op het aanslagbiljet Onroerende voorheffing)
  • Eenmaal het geïndexeerd kadastraal inkomen voor eigen beroepsdoeleinden (dat vind je niet terug op het aanslagbiljet, maar wel op de belastingaangifte)
  • Inkomsten uit het buitenland of inkomsten verworven bij een Europese of internationale instelling

Als je gezinssituatie ondertussen veranderd is of je inkomen gedaald is, dan rekenen we met het inkomen van de nieuwe leefeenheid of met een vermoedelijk inkomen.

 

Je leefeenheid (gezin) is veranderd

Ben je na 31 december 2015 en uiterlijk op 31 december 2017 tot een andere leefeenheid gaan behoren? Bijvoorbeeld omdat je vader of moeder hertrouwd is, of omdat je gehuwd, wettelijk samenwonend, zelfstandig of alleenstaand leerling of student bent geworden? Dan bekijken we het inkomen van het 1ste jaar waarin je je in de nieuwe situatie bevindt, of waarin je het nieuwe statuut hebt verkregen.
 

Ben je een erkende vluchteling of een slachtoffer van mensenhandel of -smokkel, geniet je van subsidiaire bescherming of ben je een niet-begeleide minderjarige?

Dan houdt de afdeling School- en Studietoelagen voor de berekening van een school- of studietoelage rekening met het referentie-inkomen van het 1ste kalenderjaar na het jaar waarin je de verblijfstitel hebt verkregen. Zo kan je je inkomsten bewijzen van een volledig jaar waarin je in België verbleef. De Federale Overheidsdienst Financiën zal die gegevens achteraf controleren.

Als er al een aanslagbiljet is van het inkomen van 2015, aanslagjaar 2016, dan houdt de afdeling rekening met die inkomsten voor de berekening van het gezinsinkomen.

Wanneer de partner en/of kind(eren) zich herenigen op basis van gezinshereniging met een partner die een van de bovenstaande speciale verblijfstitels geniet, is het uitgangspunt ook het kalenderjaar na het jaar van de feitelijke hereniging.

Enkele voorbeelden:
  • Een gezin komt aan met het statuut van politiek vluchteling in september 2015. Het referentiejaar wordt voor hen 2016. Op die manier kunnen zij een volledig jaar Belgische inkomsten aantonen.
     
  • Vader verblijft als politiek vluchteling in België sinds 2014. In februari 2016 komen moeder en de kinderen erbij. In dat geval houdt de afdeling School- en Studietoelagen rekening met de vermoedelijke inkomsten van 2017, het jaar na de gezinshereniging met de vader.

 

Je inkomen is gedaald

Het inkomen van je leefeenheid is sinds 2015 gedaald door:

  • Ziekte
  • Werkloosheid
  • ...
     

Welk inkomen telt?

Bij een daling van het inkomen kunnen we het vermoedelijke inkomen van 2017 gebruiken als basis voor de berekening van het gezinsinkomen.

Is je leefeenheid gewijzigd, dan geldt het inkomen van de nieuwe leefeenheid. De wijziging in je leefeenheid moet wel plaatsgehad hebben vóór 1 januari 2018. Als je ouders feitelijk gescheiden zijn, moet dat op 31 december 2017 al 1 jaar het geval zijn. Hetzelfde geldt als je zelf feitelijk gescheiden bent.
 

Hoe een daling van je inkomen melden?

Meld de gewijzigde situatie op je aanvraagformulier. Na ontvangst van je aanvraag contacteren we je en vragen je om je inkomen van 2017 te bewijzen.
 

Voorlopige toelage in 2017

In geval van een daling van de inkomsten vergelijken we het inkomen van het jaar waarmee het recht op een toelage normaal gezien moet worden berekend, met het vermoedelijke inkomen van 2017. Als dit inkomen lager is, kunnen we het dossier daarmee afwerken. Die uitzondering geldt niet bij dossiers waarbij we normaal gezien moeten rekening houden met een inkomstenjaar dat valt na 2017 (bij gehuwd statuut of speciale verblijfstitels).
 

Definitieve berekening in 2018 of 2019

In 2018 (als je toelage voorlopig berekend was op het vermoedelijke inkomen van 2016) of in 2019 (als je toelage voorlopig berekend was op het vermoedelijke inkomen van 2017) bepalen we aan de hand van je aanslagbiljet of je effectief recht had op een toelage. Je verneemt dan hoeveel je bijbetaald krijgt of welk bedrag je moet terugbetalen.

 

Geen Belgisch aanslagbiljet?

Als je leefeenheid een inkomen heeft in het buitenland of bij een Europese of andere internationale instelling, is er geen Belgisch aanslagbiljet. Dan bewijs je je inkomen met attesten van de buitenlandse belastingdienst, werkgevers, diensten of instellingen.